Ga naar de inhoud van deze pagina.
Programmabegroting 2026-2029 Programmabegroting 2026-2029

Visie en financiële kaderstelling

Visie op verbonden partijen

De gemeente Noordwijk zet in op een netwerkende en participatieve overheid.

De samenwerkingen met verbonden partijen dienen een doeltreffende en efficiënte bijdrage te leveren aan de ontwikkeling of het realiseren van maatschappelijke, economische of ruimtelijke opgaven.

Over de invulling van de taken leggen de verbonden partijen inhoudelijke en financiële verantwoording af en vindt er een toetsing plaats op kwetsbaarheid, kwaliteit en kostenbesparing.

Accounthouderschap

Noordwijk is aandacht om het accounthouderschap voor verbonden partijen en belangrijke subsidierelaties verder te verbeteren. Dit project kent vier uitgangspunten: Beleid; sterke partner in de regio; naar een 8 voor dienstverlening en financieel grip. Behandeling van de financiële stukken (met name begrotingen en jaarverslagen) krijgen extra aandacht bij behandeling in de raad.

Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen

De toegestane indexering van de begrotingen van de gemeenschappelijke regelingen wordt jaarlijks vastgesteld door de werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen (FKGR). Dit gebeurt op basis van de indexcijfers van het Centraal Planbureau (CPB) zoals opgenomen in de circulaires van het gemeentefonds. Het vorige kabinet heeft echter besloten om de indexering van het gemeentefonds vanaf 2024 te koppelen aan de ontwikkelingen van het Bruto Binnenlands Product (BBP). Deze is lager dan de daarvoor gebruikte cijfers. Voor gemeenten leidt dit tot lagere inkomsten. De werkgroep FKGR heeft de gemeenten geadviseerd de gemeenschappelijke regelingen een taakstelling van 6% op te leggen.

Overzicht invulling 6% bezuinigingsopdracht gemeenschappelijke regelingen

Vanuit de werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen (FKGR) is in de brief waarin de toegestane indexering voor de begrotingen voor 2026 ook een bezuinigingsopdracht van 6% vanaf 2026 opgenomen.

In principe geldt deze brief voor de GR-en die over de gehele regio opereren. Dit zijn (relevant voor Noordwijk) de Omgevingsdienst (ODWH), de Veiligheidsregio (VRHM), Hecht (GGD), Holland Rijnland (HR) en de Serviceorganisatie Zorg (SOZ).

Een aantal GR-en die sub-regionaal werken vallen hier dus niet onder. In het verleden heeft onder meer de Intergemeentelijke Sociale Dienst Duin- en Bollenstreek (ISD) in de bespreking naar deze norm verwezen. In de subregio Duin- en Bollenstreek is afgesproken om de bezuinigingsopdracht ook bij deze GR-en naar te leggen. Voor alle GR-en geldt dat er naast de taakstelling wel een inflatiecorrectie is toegestaan gebaseerd op de indices van CPB voor 2026 van 2,1% voor beloning werknemers en 2,7% voor netto materieel.

ODWH

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 5.893.000,-
  • Voor 2026: € 5.500.000,-
  • De ODWH heeft de taakstelling van 6% volledig verrekend in de bijdrage voor 2026.

VRHM

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 3.745.874,-
  • Voor 2026: € 3.824.252,-
  • De VRHM heeft aangegeven geen invulling te kunnen geven aan de taakstelling. In 2023 is juist een plan gemaakt (en gedeeltelijk aangenomen) om een aantal achterstanden op het gebied van opleidingen en investeringen in te halen. Dit heeft geleid tot een extra .stijging van de bijdrage de komende jaren. Voor de begroting 2026 heeft 1% ruimte gevonden voor het invullen van interne knelpunten. Voor de komende jaren zal opnieuw naar bezuinigingsmogelijkheden worden gezocht.

Hecht

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 3.191.000,-
  • Voor 2026: € 3.136.000,-
  • Hecht heeft de afgelopen twee jaar te maken gehad met tekorten waardoor het eigen vermogen ernstig is gedaald. De komende jaren moet dit uit de beschikbare middelen worden aangevuld. Desondanks heeft HECHT aangegeven voor 2026 een besparing van 4,6% te kunnen realiseren. Voor de begroting 2027 zal worden gezocht naar aanvullende besparingen.

Holland Rijnland

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 651.434,-
  • Voor 2026: € 632.846,-
  • Holland Rijnland heeft de taakstelling van 6% volledig verrekend in de bijdrage voor 2026.

SOZ

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 301.426,-
  • Voor 2026: € 340.839
  • Het bestuur van SOZ heeft geen invulling te gegeven aan de besparing van 6%, omdat de organisatie pas twee jaar bestaat en voor grote opgaven staat op het gebied van jeugdhulp de komende jaren.

ISD

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 4.554.950,-
  • Voor 2026: € 4.342.100,-
  • Hoewel de ISD Bollenstreek formeel geen onderdeel uitmaakt van de scope van de FKGR, hebben wij wel meegedaan aan het onderzoek. Het advies van de FKGR is een uniforme taakstelling van 6% voor alle gemeenschappelijke regelingen vanaf 2026. Voor de ISD betekent dit volgens het rapport van Berenschot een bedrag van € 4,5 miljoen. Hiervan is in voorliggende begroting een bedrag van € 3,9 miljoen verwerkt. Uitvoeringskosten

GR KDB

  • Bijdrage:
  • Voor 2025: € 3.602.000,-
  • Voor 2026: € 3.691.000,-
  • Op 5 december 2024 is het ‘Implementatieplan 2.0, uitwerking meerjarenvisie 2024-2030’, door het Algemeen Bestuur van de GR KDB vastgesteld. Dit implementatieplan richt zich op de doorontwikkeling van Provalu (en daarmee de GR KDB) tot een toekomstbestendig sociaal ontwikkelbedrijf, waarbij vier initiatieven centraal staan. Zoals in het implementatieplan is uiteengezet, brengen deze initiatieven extra lasten met zich mee voor de GR KDB. De besparingen die hiermee worden gerealiseerd bij de zijn voornamelijk terug te zien in de uitgaven bij de gemeentelijke sociale dienst (bijstand). Een verdere invulling van genoemde besparingsopdracht, zou de uitvoering van onze wettelijke taken aantasten. Daarnaast bestaan de lasten grotendeels uit loonkosten voor de verschillende doelgroepen (onder andere oud-WSW) waarvoor een geldende cao bestaat.

Lijst van verbonden partijen

Volgens het BBV-voorschrift is de indeling van de lijst van verbonden partijen opgenomen in deze begroting. De wijze waarop verbonden partijen een bijdrage leveren aan de doelstellingen is reeds in de programma’s opgenomen.

De financiële informatie uit de lijst betreft het begrotingsjaar 2026 (volgens het BBV). Wanneer een verbonden partij deze informatie nog niet paraat heeft, is de meest recente informatie weergegeven.

In de paragraaf ‘Weerstandstandsvermogen’ zijn bij de totale risico-inschatting de financiële risico’s van de verbonden partijen beschreven. In onderstaande toelichting zijn de risico’s per verbonden partij opgesteld.