Ga naar de inhoud van deze pagina.
Programmabegroting 2026-2029 Programmabegroting 2026-2029

Rente

Rente

Rente speelt een belangrijke rol in de begroting. Door de omvang van deze bedragen is het wenselijk dit onderdeel inzichtelijk te maken. Daarbij gaat het zowel om de factoren die invloed op de rente hebben als het in beeld brengen van de keuzemogelijkheden die aanwezig zijn.

Onderscheid kan worden gemaakt tussen korte rente en lange rente. Korte rente geldt voor kort geld (leningen met looptijd korter dan een jaar) en lange rente voor lang geld (leningen met looptijd langer dan een jaar).

Renteontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt worden nauwlettend gevolgd. Dit gebeurt onder andere door gebruik te maken van de informatie van banken (in hoofdzaak de BNG) en andere bemiddelaars op de geld - en kapitaalmarkt. Daardoor blijft de gemeente op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen.

De jaren tot 2022 waren een periode waarin de rente ongekend laag was. Op een bepaald moment was de rente zelfs negatief. Sindsdien is er veel veranderd: de rente steeg weer. De ECB verhoogde vanaf juli 2022 de rente in tien stappen naar 4%. Doel was om de economie af te laten koelen en zo de torenhoge inflatie naar beneden te krijgen. Prijzen waren omhooggeschoten in de nasleep van de pandemie en de Russische inval in Oekraïne. Inflatie was ver boven het doel van 2% dat de ECB op middellange termijn nastreeft.

Met ingang van 11 juni 2025 is de rente verlaagd naar 2%. Het is de achtste verlaging sinds juni vorig jaar. Toen stond de rente nog op 4%. Met de renteverlaging wil de ECB de consumptie en de investeringen een impuls geven en voorkomen dat de inflatie later dit jaar te ver onder het streefniveau van 2% zakt.

Voor de hoogte van een aan te trekken langlopende geldlening wordt gekeken naar de geldbehoefte voor de korte én middellange termijn (te verwachten grote projecten) en de hoogte van de rente.

Als er sprake is van een liquiditeitstekort wordt er zoveel mogelijk gebruik gemaakt van kasgeldleningen (kort geld). Wordt de kasgeldnorm gedurende drie kwartalen overschreden dan dient volgens de voorschriften een langlopende geldlening te worden aangetrokken.

De gemeente heeft op 15 mei 2024 een langlopende lineaire geldlening aangetrokken van € 75.000.000,- met een looptijd van 30 jaar en een vaste rente van 3,22%. Dit was voor een groot deel ook vanwege herfinanciering van kortlopende kasgeldleningen.

Rentevisie

De rente voor de korte termijn (kasgeldlening voor 1 maand) is voor de gemeente 4,75% (september 2025). Het rentepercentage voor een aan te trekken langlopende geldlening (10 jaar vast) is ten tijde van het opmaken van de begroting voor de gemeente 3,07%.